Bij de haven

De volgende dag werd het weerbeeld opnieuw bepaald door een laaghangend grijs wolkendek, maar het voelde net wat lekkerder aan dan op de eerste dag. Aafje wandelde in de loop van de ochtend naar West om wat boodschappen te doen. We spraken af om elkaar rond half twee weer te treffen bij de haven waar ik vast wel een parkeerplekje voor de auto zou kunnen vinden …

Omdat ik vroegtijdig was vertrokken, kon ik in alle rust even rondkijken in de haven. Bij afwezigheid van de veerboten vielen vooral twee schepen op in de haven …

Om te beginnen was dat de zeesleper ‘Hunter’ van Rederij Noordgat, die West-Terschelling als thuishaven heeft …

Daar vlakbij lag de ‘Van Kinsbergen’ (A902), het opleidingsvaartuig van de Koninklijke Marine …

Rondkijkend, zag ik dat Aafje intussen ook bij de haven was aangekomen, een stuk verderop stond ze naar de naderende ‘Tiger’, de snelboot van Rederij Doeksen, te kijken …

Terwijl ik die kant op liep, stond de ‘Tiger’ op het punt af te meren aan de terminal …

Nou ja zeg … kijk eens wie Aafje daar even later tussen de stroom van uitstappende passagiers tegen het lijf liep … Als dat mijn fotomaatje en onze vriendin Jetske niet is …

Vrijwel meteen nadat we vorig jaar november het vakantiehuisje op Dellewal hadden geboekt, waren we het er snel over eens dat het leuk zou zijn om Jetske een paar dagen uit te nodigen. Zij had ons tenslotte in 2009 en 2011 een paar dagen uitgenodigd op Terschelling, nu was het onze beurt. Daar was Jetske wel voor te porren …

Weerzien met het strand

Nadat we ons hadden geïnstalleerd in ons stulpje voor de komende week, zijn we in de loop van de middag op pad gegaan om datgene te doen waarvoor we eigenlijk waren gekomen: het strand weer eens zien en de zee weer eens horen …

Om dat te bereiken moest ik meteen flink aan de bak, want om zee en strand weer te kunnen zien, moesten we bij één van de strandopgangen eerst een knap stukje klimmen om de duinenrij te overwinnen. Eenmaal boven lagen zee en strand in hun volle omvang aan onze voeten …

Met amper 15 graden op de thermometer was het bepaald geen strandweer, maar dat vond ik helemaal niet zo erg. Dankzij de regen van dag ervoor en het uitblijven van de zon nadien, lag het strand er lekker hard bij en dat maakte het lopen een stuk makkelijker dan het rulle zand dat we later in de week zouden treffen …

Onder een stemmig grijs wolkendek wierp Oerol in de verte zijn schaduw vooruit met de bouw van een indrukwekkende stellage op het strand …

Aan de vloedlijn stapten heel toepasselijk een paar scholeksters heen en weer. Waarom dat toepasselijk is …? Wel, de scholekster heet in het Fries ‘strânljip’. Als we dat letterlijk vertalen, dan is dat een ‘strandkievit’, want strand is in het Fries ‘strân’ en de kievit heet in het Fries ‘ljip’ …  😉

Daarachter wierp de kolkende watermassa voortdurend grote plakken schuim op het strand …

Voordat we het strand weer achter ons lieten, was een eenzame meeuw bereid om nog even voor me te poseren …

Op weg naar Terschelling

Na afloop van een warm en zonnig weekend, waarin in ons tuintje voor het eerst dit jaar de tropische 30 graden werd bereikt, was het grijs en kil toen wij maandagochtend 29 mei rond 9:20 uur in haven van Harlingen aan boord rolden van de MS Friesland. Jawel, voor het eerst rolden we eens aan boord van een veerboot naar één van de Waddeneilanden …

Toen Aafje vorig jaar oktober voorstelde om in juni een week naar Terschelling te gaan, heb ik daar meteen mee ingestemd, maar wel onder de voorwaarde dat we de auto mee zouden nemen. Tot nu toe waren we altijd gewend om fietsen te huren op de Waddeneilanden, maar dat was me de vorige keer op Terschelling slecht bevallen …

Na twee ritjes op een e-bike die nauwelijks enige ondersteuning bood, hebben we indertijd op de laatste dag van ons verblijf alsnog een auto moeten huren om het strand te kunnen bereiken en nog wat van het eiland te kunnen zien. Dat zou me niet nog eens overkomen …

Met mijn in oktober nog niet te voorziene buikklachten en de daarmee gepaard gaande achteruitgang van mijn conditie kwam de auto op het eiland nu helemaal goed van pas. En pas als je zelf met de auto inscheept, zie hoeveel auto’s er elke keer op zo’n veerboot mee gaan …

Het vertrek was weliswaar grijs en kil, maar eenmaal op open zee begon het wolkendek te breken en maakte de grijze grauwsluier plaats voor een veel vriendelijker licht …

Tegen het middaguur bereikten we Terschelling en kon de vakantie echt beginnen …

Groetnis fanôf Skylge

Het heeft opnieuw even geduurd, maar daar ben ik dan weer … terug van weggeweest. En dat heeft in dit geval een dubbele betekenis. Om te beginnen ben ik eindelijk weer eens even terug op mijn weblog. Dat dat zo lang heeft geduurd, heeft in dit geval niet alleen te maken met mijn gezondheidssituatie, maar ook met het feit dat we voor het eerst sinds vele jaren weer eens even echt zijn weggeweest. Maar laat ik maar weer bij het begin beginnen …

Toen ik het vorige bericht schreef, was ik herstellende van de tweede priksessie met corticosteroïden die me van mijn buikklachten af moeten helpen. Dat herstel verliep vervolgens voorspoedig. De specialist heeft echt een stukje maatwerk geleverd, want precies aan het begin van onze vorig jaar al geplande vakantieweek eind mei/begin juni op Terschelling was ik weer even van de ergste pijn verlost. Daardoor heeft de Acnes een heerlijke week op Terschelling niet in de weg gestaan. Jullie krijgen dan ook allemaal de vriendelijke groeten vanaf Terschelling …

Intussen zijn we alweer anderhalve week thuis. Een week geleden werd ik door de specialist in Nij Smellinghe toch nog verrast met een derde priksessie. Terwijl mijn opnieuw blauw geprikte buik daarvan nu de laatste naweeën ondervindt, doe ik nog maar eens een poging om de draad weer op te pakken. De komende tijd zal ik proberen om aan de hand van een zonnige fotoserie verslag te doen van de geweldige en weldadige week die we op Terschelling hebben gehad. Misschien kan dat helpen om het bloggen weer wat op te pakken. Want nu ik al een paar maanden helemaal uit mijn gewone ritme en routine ben, merk ik dat het niet meevalt om zaken als mijn fotokuiers en het bloggen weer op te pakken. De wil is er, maar lichaam en geest werken nog niet altijd mee …

Mei – augustus 2011

Het ziet er niet naar uit, dat we het grijze weertype dit jaar nog kwijt raken. Een kuier onder een heldere winterlucht zit er voorlopig nog niet in. Dat is wel jammer, want in de komende nacht is er weer een kansje op poollicht, maar dan moet het wel helder zijn …   😦
Er rest me weinig anders dan nog maar even door te gaan met het tonen van wat foto’s die het weblog eerder dit jaar niet hebben gehaald.

Eerst maar even een typisch voorjaarsplaatje van een schaap en een lam met nog net zichtbaar wat koeien op de achtergrond …

Op één van de weinige mooie zomerdagen in juni hebben we op Terschelling een tijdje heerlijk aan het Wad gezeten …

In de trieste en regenachtige julimaand was er in ons tuintje niet veel te beleven, af en toe was er een zweefvliegje te zien …

Ook augustus kon de zomer niet meer goedmaken, regelmatig trokken er zware buien over land en water, zoals hier bij het Sneekermeer …

Weerbeeld juni 2011

Vanmorgen realiseerde ik me ineens dat ik mijn weercijfertjes over de maand juni nog niet eens heb gepubliceerd, terwijl ik al bijna toe ben aan het overzicht van juli. Dat moet er dan eerst nog maar even tussendoor …

Tijdens de eerste junidagen werd het mooie weer dat zo kenmerkend was voor het voorjaar van 2011 voortgezet. Wij hadden dan ook het geluk om op 7 juni nog een heerlijk zonnige dag op het strand van Terschelling te mogen beleven. Daarna sloeg het weer om en kregen we te maken met wisselvallig zomerweer. Met een gemiddelde temperatuur van 15,4 ºC tegen normaal over de periode 1971-2000  ca. 14,4 ºC, viel juni in ons tuintje toch nog warm uit. Ik heb 10 warme dagen (maximumtemperatuur 20,0 °C of hoger) en 2 zomerse dag (maximumtemperatuur 25,0 °C of hoger) kunnen noteren, normaal zijn dat er respectievelijk 11 en 3. Op 28 juni heb ik met 31,2 ºC de enige tropische dag kunnen noteren …

De tropische warmte werd in de avonduren verdreven door zware regen- en onweersbuien, die op diverse plaatsen in het land schade en overlast veroorzaakten. Het KNMI meldde dat er in Herwijnen 100 mm viel, waarvan 79 mm in een uur. Een dergelijke neerslaghoeveelheid wordt op een willekeurige plaats in ons land minder dan eens per honderd jaar overschreden. Vught werd getroffen door een downburst die enorme schade veroorzaakte. Nabij Kaatsheuvel werd een windhoos waargenomen. Lokaal viel hagel met een diameter van 3 cm. In totaal registreerde het KNMI die dag 75.000 bliksemontladingen. De buien hadden bij ons hun lading inmiddels grotendeels verloren, meer dan 5 mm viel er die dag niet …

We kwamen er hier overigens toch al goed vanaf met de neerslag in juni. Gemiddeld viel over het land 96 mm neerslag tegen 68 mm normaal. Bij het KNMI in de Bilt werd 114 mm afgetapt tegen normaal over de periode 1971-2000 ca 72 mm. De meeste neerslag werd in de Betuwe afgetapt, het al eerder genoemde KNMI-station Herwijnen kwam uit op 156 mm. In ons tuintje viel in juni 76 mm, vrijwel gelijk aan het langjarig gemiddelde van 71 mm …

Terug naar Terschelling

Op de dag waarop de Tour de France van start is gegaan, neem ik jullie nog even mee terug naar Terschelling. Er moeten namelijk nog even een paar losse eindjes worden afgehecht …

Om te beginnen was er de prachtige vlinder die we aantroffen bij de Badhuiskuil.
Frans54 -vlinderkenner bij uitstek- schreef in reactie op de foto’s van die vlinder: “Een foto van de onderkant had het een stuk makkelijker gemaakt, maar op grond van de tekening in de middencel, de postdiscale stippen in voor en achtervleugel (verdeling en formaat)en de zwarte tekening in het discale deel van de vleugels ga ik toch uit van duinparelmoervlinder en niet van grote parelmoervlinder.”

Nu had ik wel een vlinder waarop de onderkant van de vleugel te zien was, maar die vond ik in eerste instantie net niet scherp genoeg voor publicatie. Natuurlijk heb ik die foto vervolgens naar Frans gemaild, en daarop kreeg ik vervolgens de volgende reactie:

“Duidelijk duinparelmoervlinder. De zilverkleurige vlekken op ca 1/3 van de achtervleugel vormen een nagenoeg aaneengesloten rij, bij de grote parelmoervlinder zijn deze vlekken kleiner en liggen daardoor duidelijk los van elkaar. Zwarte stip aan de basis van de achtervleugel in de middencel ontbreekt weliswaar voorzover dit te zien is(die had direct al zekerheid gegeven) maar dat is vaker het geval. Enige soort waar hij nu nog mee te verwarren zou zijn is de adippevlinder, maar die komt alleen in het zuiden en oosten incidenteel (dwaalgast) voor.”

Daarmee werd mijn eerste vermoeden, dat het hier mogelijk om een duinparelmoervlinder ging bevestigd. Bedankt Frans!

En dan was er nog het skelet, dat we ongeveer drie kwartier later aantroffen op het strand bij Paal 8, en waarvan wij dachten dat het mogelijk het skelet van een zeehond was …

Op 22 juni kreeg ik een mailtje van een medewerker van Naturalis in Leiden:

“Ik kreeg van een collega bijgaande foto van het skelet van een bruinvis, die ze maakte op Terschelling tijdens Oerol. Nu zag ik op jouw site een foto van volgens mij hetzelfde skelet. Ik hou de nationale database voor dode walvissen op de Nederlandse kust bij (zie http://www.walvisstrandingen.nl) en wil deze melding graag daarin opnemen. Zou je me kunnen vertellen waar jouw foto precies genomen is, dan kan ik ‘m toevoegen. Mag ik die foto van jouw website kopieren en aan de melding plakken op onze site?”

Inmiddels staan de foto’s die ik eerder van dit skelet liet zien op de website www.walvisstrandingen.nl. Daar staat ook een derde foto, waarop te zien is dat het skelet tijdens Oerol bij Paal 8 werd tentoongesteld. Het gaat dus niet zoals wij vermoedden om het skelet van een zeehond, maar om de restanten van een bruinvis.

Daarmee verklaar ik het hoofdstuk “Terschelling 2011” gesloten.