Bufo bufo als tafelgast

Dat ging maar weer net goed gisteren. Terwijl ik aan het eind van een korte strooptocht langs wat struikgewas, waarbij ik op zoek was naar vlinders, juffertjes en ander klein vliegend spul, moeizaam terug liep naar één van de picknicktafels bij de parkeerplaats in De Deelen, kon ik net op tijd mijn rechtervoet terugtrekken …









Geen seconde te vroeg zag ik de schim van een kleine pad (Bufo bufo), die zich uiterst moeizaam voortbewoog door en over het lange gras. Bijna had ik hem geplet onder mijn maatje 47 …









Omdat ik van mening was dat het pokdalige diertje best een tegenprestatie mocht verrichten voor die levensreddende actie, besloot ik hem even bij me op de picknicktafel te zetten, zodat ik hem eens uitgebreid kon fotograferen …









Even zaten we oog in oog – ik aan de tafel, hij er bovenop – maar het leek mijn tafelgast niet echt aan te staan. Even lachen zat er niet in, integendeel, het chagrijn leek er bijna letterlijk van af te druipen …









Daarnaast deed hij ook nog eens dapper zijn best om zich tergend langzaam stapje voor stapje om te draaien, om zich vervolgens uit de voeten te maken en in de richting van de rand van de tafel van mij en de camera af te bewegen …









Maar wie mij een beetje kent, weet dat ik ook niet de makkelijkste ben en dat ik de moed niet meteen opgeef. Door hem tijdig weer even wat bij te sturen, en hem opnieuw even te verplaatsen, lukte het uiteindelijk toch om een aantal acceptabele foto’s van hem te maken …









Vlinders, juffertjes en ander klein vliegend spul heb ik er helaas niet kunnen fotograferen, maar de toevallige, bijna dodelijk verlopen ontmoeting met Bufo bufo maakte mijn dag helemaal goed …   🙂








Kikkerconcerten in It Skar

Zowel in de poel aan de Nije Heawei …









… als in de vennetjes aan de zuidkant van het Weinterper Skar …









… kon men de afgelopen weken regelmatig prachtige kikkerconcerten horen …









Hoewel ze over het algemeen niet graag in de schijnwerper staan …









… wilden enkele van de solisten dit jaar voor de verandering wel even meewerken aan een portretfoto …









Voor een korte impressie van de concertreeks verwijs ik u naar de website van mijn fotomaatje: Kikkers in het Weinterper Skar.



Hagedis op een bankje

We zaten maandagmiddag nog niet eens zo gek lang weer op het bankje bij de dobbe in het Weinterper Skar, toen ik het hagedisje dat we eerder op de middag al op het bankje hadden zien zitten weer zag verschijnen. Eerst nam hij met alleen het kleine kopje boven de plank uitgestoken de situatie nauwgezet op, toen hij de kust veilig achtte, ging hij op het uiteinde van het bankje lekker naast me zitten …





Ditmaal was ik voorbereid, want als een hagedis eenmaal een behaaglijk plekje heeft ontdekt, dan keert het beestje daar graag naar terug als er geen onraad (meer) dreigt. En dat geldt zeker voor dit bankje, zo heeft de ervaring me geleerd. Zowel op 22 september 2012 als op 28 augustus 2013 heb ik hier vergelijkbare ontmoetingen met hagedisjes gehad …





Omdat ik hem al verwachtte, had ik de camera met daarop het macrolensje op mijn schoot klaar liggen, zodat ik hem heel behoedzaam kon benaderen zodra hij zich lekker naast me op het bankje had genesteld. Het leverde weer een paar fraaie close-ups van dit schuwe diertje op, al zeg ik het zelf …





“Kijk eens … er zit hier een heel raar beestje,” zei Aafje terwijl ik nog met het hagedisje bezig was …
Wat ze zag? Morgen meer …

Algen in de dobbe

Omdat Aafje gisteren een vrije dag had, stelde ik voor om weer eens samen een kuiertje naar de dobbe in het Weinterper Skar te maken. Toen we daar aankwamen, zag ik net wat te laat dat er een klein hagedisje op het bankje zat. Het beestje schoot meteen weg, maar wetend dat zo’n hagedisje toch vaak weer terugkeert naar zo’n fijn warm plekje, stelde ik voor om maar rustig te gaan zitten en wat ruimte voor het beestje over te laten.

Het duurde maar even, toen kwam hij inderdaad voorzichtig terug. Nadat ik twee foto’s van hem had kunnen maken, verdween het diertje weer spoorslags omdat ik net wat een te onverhoedse beweging met de camera maakte …





Nadat mijn benen weer wat tot rust waren gekomen, besloot ik eens een wat rond te struinen langs de waterkant …





Insecten waren er nauwelijks of niet te zien, daarom richtte ik mijn camera op iets wat ik hier nog niet al te vaak had gezien: op een deel van de dobbe dreef een dunne deken van algen …





De algen veroorzaakten vreemde patronen en gebroken weerspiegelingen op het wateroppervlak …





Terwijl ik aan de zuidwestelijke kant van de dobbe liep, besloot Aafje de aan de zuidoostelijke kant de zaak ook eens nader in ogenschouw te nemen …





Kijkend naar haar bedenkelijke blik, leek hetgeen ze zag haar niet te bevallen …





Een samenspel van wind, water en algen creëerde een bijzonder lijnenspel op de dobbe …





Door in te zoomen ontstond het beeld van een – nogal onsmakelijk – bord snert …





Omdat mijn onderdanen intussen weer aan rust toe waren, besloten we eerst maar weer even op het bankje te gaan zitten om te genieten van de weldadige rust rond de dobbe. Al snel verscheen het hagedisje daar ook weer, en korte tijd later deed Aafje ook nog een bijzondere ontdekking. Kortom: wordt vervolgd!

Kikkerdril en kralenkettingen

Vanmiddag heb ik voor het eerst dit jaar weer eens een uurtje lekker op het bankje bij de dobbe in het Weinterper Skar gezeten. Het leek wel zomer, heerlijk! Andere mensen waren er in geen velden of wegen te zien, vlinders, kikkers en padden echter des te meer. De vlinders waren me allemaal te snel af, maar een kikker die vanuit het bos onderweg was naar het water, wilde wel even poseren voor een foto …





Ook in het water was het een drukte van belang, diverse koppeltjes padden gingen geheel in elkaar op …





De paringsdaad resulteerde op verschillende plaatsen in fraaie kralenkettingen van eitjes …





Kijkend naar de hoeveelheid kikkerdril en paddeneitjes, zal het over een tijdje weer een gekwaak van jewelste zijn in het Weinterper Skar. Ik verheug me alweer op de zomeravondconcerten …




Adder, hagedis en ree

Nee, dit zijn niet de ingrediënten van het voorbije kerstmenu, maar drie dieren waar ik in augustus en september bijzondere ontmoetingen mee had. Mijnnikonenik vroeg zich n.a.v. het vorige logje over Aardige ontmoetingen in 2012 al af waar de adder bleef … Natuurlijk mag de onverwachte ontmoeting, die ik op een mooie vrijdag in augustus op de Merskenheide met een adder had, niet ontbreken. De afgelopen jaren heb ik daar wel eens vaker een adder kunnen fotograferen, maar ditmaal werd ik er echt door verrast 🙂

Terwijl ik over het zuidelijke pad wandelde, lukte het me die middag eindelijk weer eens om een paar andere vlinders te fotograferen dan de gebruikelijke witjes. Al doende wierp ik ook regelmatig even een blik op het pad voor me en hield ik ook de voet van het struikgewas links naast het pad in het oog, want het was typisch zo’n dag waarop daar wellicht ergens op een zonnig plekje een adder zou kunnen liggen. Dat bleek die dag echter niet het geval te zijn …





Nadat ik het zuidelijke pad achter me had gelaten, zette ik halverwege het oostelijke pad de pas er even extra in, toen ik het bankje aan het eind van dat pad in zicht kreeg. Met de blik op het bankje gericht, zag ik onder in mijn blikveld amper een halve meter voor me plotseling een schim bewegen op het pad. Ik zou net mijn rechtervoet neerzetten om de volgende stap te maken, toen ik me realiseerde dat er vanuit de heide een adder van rechts naar links het pad overstak. In plaats van die voet neer te zetten, zette ik intuïtief flink af met mijn linkerbeen om over het beest heen te springen. Geloof me, als je maar genoeg adrenaline in je lijf hebt, dan kun je ook met MS in geval van nood nog een flinke sprong maken. Het was weer zo’n moment dat nog steeds op mijn netvlies staat, maar de adder -een njirre in goed Fries- staat gelukkig ook goed op een aantal foto’s. Van deze ontmoeting heb ik weer geleerd, dat je je bij de Merskenheide ook op de paden geen onachtzaamheid kunt veroorloven …





Bijna anderhalve maand later zat ik op een zonnige zaterdagmiddag even op het bankje bij de dobbe in het Weinterper Skar. Ook hier zag ik na enige tijd vanuit mijn ooghoeken weer iets bewegen. Over de lange grashalmen naast het bankje kroop een hagedis omhoog, die zich aan het andere uiteinde gezellig naast me op het bankje in de zon nestelde. Het viel me op dat het beestje een aparte staart had, ik ging er op dat moment van uit dat hij wellicht aan het vervellen was, maar dat bleek toch niet het geval te zijn …





Geert van Geert sines schreef ’s avonds in reactie op mijn foto’s van deze opvallende hagedis het volgende:

“Er is iets bijzonders met jouw hagedis.
Twee jaar geleden schreef ik over “Caudale autotomie”. Ik heb er een hekel aan om in mijn reacties links naar mijn eigen blog te zetten, maar hier moet het toch maar:
http://geertsines.wordpress.com/2010/09/24/caudale-autotomie/
Op de laatste foto op dat blog is een hagedis te zien met afgetrokken staart. De laatste zin in mijn blog is:
“Als het goed is krijgt deze wel een nieuwe, echter veel kortere staart.”
De hagedis die jij hebt gefotografeerd heeft zo’n kortere, opnieuw aangegroeide staart.
Dit soort foto’s zie je eigenlijk nooit, jij hebt volgens mij een unieke foto gemaakt.”

Als Geert dat zegt, dan neem ik dat graag aan, en daarmee zijn deze foto’s zeker bijzonder genoeg voor een speciaal plekje aan het eind van het jaar …





De laatste en meest aaibare ontmoeting die ik nog even in herinnering wil roepen, is die met een grazende ree bij het Diakonieveen. Het verslag van dat tripje begon met: “Je hebt van die dagen met een gouden randje. Gisteren was zo’n dag …”





Omdat het mooi weer was en mijn benen goed aanvoelden, besloot ik maandag 17 september aan het begin van de middag weer eens naar het Diakonieveen te rijden. Het werd een dag vol cadeautjes. Dat begon al voordat ik bij het parkeerplaatsje arriveerde, toen ik een ree in de berm zag staan …





Terwijl ik de auto tot stilstand bracht, bleef het beestje rustig staan grazen. Het hief het schrandere kopje even naar me op, waardoor we oog in oog kwamen te staan. Nadat ze me even had opgenomen, boog de ree zich weer voorover om onverstoorbaar, maar absoluut attent weer door te graan met grazen …





Bijna drie minuten lang stonden we tegenover elkaar, zij grazend en kijkend … ik klikkend en kijkend. Pas toen er vanuit een pad aan de rechterkant een paar mensen met een hondje de weg overstaken, verdween de ree met enkele soepele sprongen in het bos …





Ik prijs mezelf een rijk mens, dat ik ondanks -misschien zelfs wel dankzij- die rotziekte waar ik mee zit opgescheept het afgelopen jaar weer een aantal van dit soort fraaie ontmoetingen mee heb mogen maken. Mijn fotokuiertjes worden weliswaar steeds wat korter en de beperkingen nemen gestaag toe, maar als 2013 op vergelijkbare wijze verloopt dan teken ik daarvoor!

Maar we zijn nog niet aan 2013 toe. Eerst neem ik jullie morgen weer even mee terug naar “De lange witte winter”, waarin we morgen in deel 7 o.a. de jaarwisseling van 2009-2010 meemaken en een prachtige whiteout in gaan.